| | Sepiadag 2011
Jeetje wat was het vroeg! Niet dat ik slecht uitgerust was, integendeel ik was kalm en verbazend helder voor dit tijdstip. Vaag had ik nog vreemde, maar toepasselijke flarden van een droom voor ogen. Zo zag ik mijzelf werken in een archief waar ik een 370 jaar oud scheepsjournaal onder handen nam. Het klonk me zo bekend in de oren, maar ik kon het niet direct plaatsen. Het sprak over ene kapitein Ortega die met zijn door piraten verwoeste schip afgezonken was naar een diepte waar hij merkwaardig kleine onderwater-wezens tegenkwam. Ze hadden buisjes op hun hoofd en waren niet veel groter dan zijn duim. De wekker ging deze ochtend ook niet met zijn gebruikelijke door-merg-en-been klinkende zoemer, maar had eerder iets weg van het deuntje: ‘Toe ga mee naar snorkelland in de diepe zee …’.
Jawel! Het was zaterdagochtend 28 mei en over minder dan een half uur zou Cyriel voor de deur staan. De vaart erin dus. Tas uit de kast, vinnen erin, uitgehangen pakken netjes opvouwen en onder mijn trimjack zien te passen. Op tijd…bijna op tijd stond ik bepakt en bezakt klaar. Ik was zover om de Sepia’s tegemoet te treden. Om 9.00 uur kwamen we aan op de parkeerplaats naast de eerste duikstek, Bergse Diepsluis. Een half uur vóór het afgesproken verzameltijdstip. Het was prachtig Zeeuws weer: flinke wind, zo nu en dan een zonnestraal en een aangename temperatuur. De indelingen waren al gemaakt en ik mocht met Willem als instructeur en Els als buddy op onderwatersafari. Maar niet voor er een korte ‘briefing’ was gegeven. Willem had het woord: ‘Er zijn twee plaatsen waar jullie te water kunnen gaan. Als jullie deze eerste kiezen dan kunnen we van hier naar links (wijst naar rechts) en dan met een cirkel terug naar het beginpunt. Of jullie kunnen voor de tweede startlocatie kiezen, maar dan moet je eerst met volle uitrusting 250 meter lopen. Dan moet je uiteraard van daar naar rechts (wijst naar links) zwemmen.’ Dit ging helemaal goed komen dacht ik.
Duikset in orde, uitrusting aan, extra lood? Check! De buddycheck stelde Els noch mij voor onaangename verassingen. Met Willem voorop liepen we als onvolgroeide duikertjes naar de aangewezen locatie. Het was precies zoals kapitein Ortega zei! Een wonderlijke onderwater wereld. Allerlei krabben, vissen, kwallen heb ik gezien en een kreeft. Maar helaas geen sepia. Nu is dat niet zo erg, want zo heb ik nog iets om naar uit te kijken. Het was een mooie en ontspannen duik. Eenmaal terug op de parkeerplaats was het snel omkleden en door naar ‘De Zeester’ voor de lunch. Hier moet ik toch iets over kwijt. Weet iemand waarom we halve bolletjes kregen? Ik dorste toch niet aan de serveerster te vragen wie dan de andere helft van mijn broodje had. Enfin, het smaakte goed.
Met gevulde flessen stonden we na een korte rit klaar bij de tweede duikstek Zoeterbout(?). Hier was het water door het weer veel te ruw geworden en zat een duik hier er voor ons niet in. Er werd overlegd wat te doen. Blijven en een andere stek zoeken of naar huis? Er bleven genoeg instructeurs om ervoor te zorgen dat wij 1* duikers in opleiding toch nog een tweede duik konden nemen. Het werd de Grevelingen. Mooie plaats, maar wat was het hier druk! Wel een uitstekende locatie om de schredesprong te oefenen. Dit keer doken Els en ik niet met Willem, maar met Ton. Na wat uitleg over het kompas waagde ik de sprong. Deze duik had ik de beschikking over een lamp, wat een wereld van verschil is onder water. De vrijheid om te beschijnen wat je zelf wilt is wel wat waard. Helaas wilde het met mij en het zoute water dit keer niet echt lukken. Waarschijnlijk, zo heb ik begrepen, had ik toch een kilootje teveel bij me. Deze eerste ervaring met Zeeland onder water is voor mij zeker voor herhaling vatbaar. En dit kan sneller dan men zou verwachten, 24 en 25 juni is er het ‘Zeeland-weekend’. Op het moment van schrijven weet ik het nog niet zeker, maar misschien tot dan. Cyriel, Willem en Ton bedankt weer bedankt voor de (nodige) instructie.
Oscar Kramer | |